Gods Woord achter de tralies

Onlangs bezocht Gerdien Karssen, communicatiemedewerker van ABC Gemeenten, drie zondagse diensten in de penitentiaire inrichting in Zwolle. Dorien van Bosheide werkt daar namens ABC als justitiepredikant. Een verslag.

Ik arriveer om kwart over acht bij het gebouw, vrijwel tegelijk met de vrijwilligers van een baptistengemeente in de buurt. Zij zijn vandaag aan de beurt om de muzikale begeleiding tijdens de diensten en de koffie achteraf te verzorgen. Naar binnen lopen gaat natuurlijk niet zomaar. We zijn van tevoren aangemeld, moeten ons identificeren en door een detectiepoortje heen. Eenmaal daar voorbij, lopen we door het grote, stille gebouw.

De eerste dienst is voor vrouwen uit de vrouwenvleugel. Zij komen bij elkaar in een sportzaaltje, nu omgetoverd tot kerkzaal. Voorin staat een lange tafel met een katheder en een kaars erop. Daar tegenover zo’n vijftig stoelen in rijen. Dorien heeft gekleurde liturgieën bij zich, die op de stoelen worden gelegd. Ik mag de meegebrachte bos bloemen in een vaas zetten. Een bijzonder en persoonlijk accent dat die er is.

De vrouwen komen binnen, vergezeld van een paar medewerkers die op de achterste rij gaan zitten. De dames lopen allemaal naar voren en steken een kaarsje aan. Het lijkt een vast ritueel, ook bij de andere diensten later op de ochtend. Aan wie ‘buiten’ zouden ze daarbij denken? Het valt me op dat Dorien iedereen een hand geeft en de mensen bij hun voornaam aanspreekt. Ook betrekt ze hen actief bij de dienst: één vrouw mag de kaars op tafel aansteken, een ander is gevraagd het bijbelgedeelte voor te lezen.

Als iedereen zit, begint de dienst. Dorien draagt een toga, zoals hier gebruikelijk is. In de liturgie staat de hele dienst uitgeschreven, inclusief de gebeden en het bijbelgedeelte. De teksten staan er niet alleen in het Nederlands, maar gedeeltelijk ook in het Engels, Spaans en Pools. Het Onze Vader zelfs ook nog in het Roemeens. We zingen liederen zoals ‘Heer, ik prijs uw grote naam’, ‘Hij is verheerlijkt’ en ‘Heer, U doorgrondt en kent mij’. Hoewel we horen dat sommige gevangenen de diensten vooral bezoeken voor een beetje afwisseling, zie ik veruit de meeste aanwezigen meezingen. De muziekgroep begeleidt met piano, fluit, cajon (een houten kist waarop wordt getrommeld) en zang, en dat helpt natuurlijk ook.

Dorien leest uit Mattheus 14, over de storm op het meer en over Petrus die uit de boot stapt om op het water te lopen. Dorien vergelijkt het met de stormen in het leven, waar de aanwezigen immers alles van weten. Als je iets wil veranderen – relaties wil herstellen, de dingen anders wil gaan doen – dan moet je wel uit de boot stappen, zegt ze. Je moet niet letten op de chaos om je heen of op de mensen die zeggen dat het toch niet lukt, maar op Jezus. Dan helpt Hij je en komt je tegemoet.

Ook in de gebeden benoemt Dorien de concrete situatie waar haar toehoorders mee te maken hebben: niet kunnen beschikken over je eigen tijd, je geliefden moeten missen, kinderen die misschien geen contact meer willen … ‘Bescherm de mensen die ik liefheb’ staat er in één van de gebeden. Best aangrijpend in deze context.

Na de zegen drinken we koffie. Dorien stelt me voor aan een vrouw. Ze vertelt dat ze christelijk is opgevoed, maar het geloof in de puberteit heeft losgelaten. “Nu ga ik wekelijks naar de dienst. Dat geeft me rust. Ik probeer te ontdekken wat het geloof in mijn leven kan betekenen.” Terwijl ik bij een van de vrijwilligers sta, vertelt een jonge vrouw – eigenlijk nog een meisje – met stralende ogen aan hem: “Ik mag dinsdag naar huis!” Ze heeft een Bijbel in haar eigen taal in de hand en laat een foldertje zien waarop kerken in haar woonplaats staan opgesomd. Twee meter verderop staat een vrouw met tranen in haar ogen – misschien mag zij voorlopig nog niet weg? Een andere vrouw slaat troostend een arm om haar heen.

Terwijl iedereen staat te praten met een bekertje koffie of thee in de hand, vergeet je bijna dat dit geen kerk is zoals alle andere. Dan mengen de bewakers zich tussen de vrouwen en geven vriendelijk maar beslist aan: “We gaan!” Iemand neemt de bloemen mee. Ik vraag er later naar en hoor dat elke week een van de afdelingen ze mee mag nemen. Voor de diensten van de mannen zijn er weer nieuwe bossen.

De twee andere diensten van die morgen spelen zich af in het stiltecentrum van de mannengevangenis. Het verloop is ongeveer gelijk: Dorien begroet de mannen die binnenkomen bij naam, ze steken een kaarsje aan en gaan zitten. “Johan, wil jij zo dadelijk de kaars aansteken?”, hoor ik Dorien vragen. De dienst is hetzelfde, maar heeft toch net andere accenten. De mannen om mij heen zijn beleefd, geven mij ook een hand als ze in de rij aanschuiven, en doen actief mee met zingen en bidden. Sommige zie ik af en toe een kruis slaan, en het Onze Vader wordt door velen om mij heen hardop meegebeden. Het raakt me dat Gods woord klinkt in deze omgeving. We hebben allemaal Gods vergeving nodig – ook voor hen is die beschikbaar.

Na de dienst lopen sommige mannen naar voren. Wie dat wil mag een bloem uit de vaas meenemen en dat doen ze.

Naderhand stelt Dorien me voor aan twee mannen die koster zijn van het stiltecentrum. De een vertelt dat het kosterwerk hier eigenlijk uit dezelfde taken bestaat als ‘buiten’. In de loop van de week zijn er een boeddhistische, een islamitische en twee christelijke vieringen. Na de boeddhistische viering liggen er altijd veel bloemblaadjes om op te ruimen, vertellen ze, en voor de islamitische viering kunnen de christelijke symbolen achter het gordijn verdwijnen. Terwijl ik met ze praat, vraag ik me eerst stiekem af of ik het wel goed heb begrepen dat zij ook gedetineerden zijn, zo gewoon is het gesprek – of zijn ze hier als vrijwilliger? Maar dan vertellen ze dat het kosterschap ze wat afleiding geeft gedurende de week. “De dagen zijn hier zo regelmatig: een dagdeel werken, een dagdeel recreatie. Dan is het fijn om er even een uurtje tussenuit te kunnen om iets anders te doen.” Ze zijn enthousiast over Dorien. “Ze komt regelmatig op de afdelingen. Soms groet ze alleen, en dan ineens komt ze naar je toe om te vragen hoe het met je gaat. Net alsof ze op zo’n moment aanvoelt dat er iets is.” Ook zij worden onverbiddelijk door de bewakers van het gesprek weggeroepen als het tijd is om te gaan.

De laatste dienst van de ochtend is met mannen die een psychiatrische achtergrond hebben. De dienst voor hen is wat korter dan de andere, en in plaats van het bijbelgedeelte voor te lezen, laat Dorien de scène van de storm op het meer nu op een scherm, uitgespeeld in de bekende Jezus-film. Aan het eind lopen ook zij met een bloem in de hand weer weg.

Gerdien Karssen

1 reactie

  1. Shalom op zegt:

    Wat mooi om dit mee te maken en te ervaren dat Gods Woord zelfs achter gesloten deuren mag doorklinken. Ze dienen te weten dat door de liefde en vergeving in Jezus Christus ze niet door Hem vergeten zijn.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.